Eigenwoningforfait 2018

Eigenwoningforfait is een fiscale regeling waarmee het belastbaar inkomen wordt verhoogd. De belasting ziet het hebben van een eigen huis als beleggingsobject en over dat opgebouwde vermogen moet belasting worden betaald. Dit doet de fiscus door je belastbaar inkomen te verhogen met het eigenwoningforfait.

eigenwoningforfait

Hoogte van het eigenwoningforfait
De hoogte van het eigenwoningforfait wordt bepaald op basis van de WOZ waarde. De Waarde Onroerendezaak (WOZ) wordt jaarlijks vastgesteld door de gemeente en deze waarde dien je te gebruiken voor de hoogte van het eigenwoningforfait.

Tarieven 2018

Waarde woning vanaf: Waarde woning tot:  Eigenwoningforfait:
 –  €12.500  0%
 €12.500  €25.000  0,25%
 €25.000  €50.000  0,40%
 €50.000  €75.000  0,55%
 €75.000  €1.060.000  0,70%
 €1.060.000  – € 7.420 + 2,35% van de waarde van de woning boven €1.060.000

Niet volledig jaar eigen woning
Heb je je huis verkocht, of juist net gekocht en woon je maar een deel van het kalenderjaar in deze woning? Dan betaal je naar rato eigenwoningforfait.

Hoe werkt saldomethode bij lijfrente

Als u in het verleden vergeten bent om premies die u heeft betaald voor een lijfrentepolis of lijfrente bankspaarrekening af te trekken van de inkomstenbelasting is het belangrijk dat u een saldoverklaring aanvraagt bij de belastingdienst.

Hiermee voorkomt u dat u belasting moet gaan betalen over een deel van de uitkering waarover u geen belastingvoordeel heeft gehad omdat u de premie niet heeft afgetrokken.

U gaat pas belasting over uw uitkeringen betalen als het totaalbedrag hoger is dan het bedrag van de premies of stortingen waarmee in de saldomethode rekening kan worden gehouden.

Een voorbeeld
U hebt in de jaren 2006 tot en met 2014 jaarlijks € 4.000,- premie gestort op een lijfrenteverzekering. Maar u heeft niet altijd alle premies afgetrokken. U bent het simpelweg een aantal jaren vergeten. U realiseert zich dat de polis op een moment jaarlijks aan u gaat uitkeren. U ontvangt gedurende 5 jaar een lijfrente uitkering van € 8.000,- maar de verzekeraar houdt over dit bedrag loonbelasting in. U verzoekt de fiscus om een saldoverklaring en gelukkig hebben ze uw aangiftes vanaf 2001 nog. Laten we voor dit voorbeeld nu eens stellen dat u in 2007 , 2008, 2011 en 2012 vergeten bent om het bedrag van €4.000,- af te trekken.

U krijgt dan van de fiscus een saldoverklaring van € 12.538,-. De fiscus komt als volgt aan dit bedrag:

€4.000,- voor 2007
€4.000,- voor 2008
€2.269,- voor 2011
€2.269,- voor 2012
Na 2010 is het maximumbedrag waarvoor u een saldoverklaring krijgt nog maar €2.269,- per jaar.

Hoe wordt dit nu financieel afgewikkeld?

De hoofdregel is dat u het bedrag waarvoor u een saldoverklaring heeft netto mag ontvangen. De eerste uitkering van €8.000,- in 2015 ontvangt u dus netto. Er resteert nog een bedrag van €12.538- €8.000= €4.538.

Over de uitkering van €8.000,- in 2016 is dan €4.538,- netto en over het restant (€ 3.462,-) betaalt u dat jaar belasting. Alle andere uitkeringen die nog komen worden daarna normaal belast.

Geen verplichte lijfrente over saldodeel
U bent overigens niet verplicht om over het deel van de uitkering waar de saldoverklaring voor geldt. Dat deel mag u dus ook in één keer ontvangen.

Lijfrentepremie niet afgetrokken

Heeft u een lijfrente maar heeft u in het verleden de inleg daarop niet afgetrokken? Dan heeft u een probleem. We leggen u uit met welke fiscale spelregels u te maken heeft en hoe u kunt voorkomen dat u teveel belasting moet betalen.

belasting lijfrente

Verplichte loonbelasting over uw uitkering

De bank of verzekeraar die straks aan u moet uitkeren is namelijk wettelijk verplicht om hier belasting op in te houden. Als u de inleg destijds niet heeft afgetrokken, moet u dus belasting betalen terwijl u geen belastingvoordeel heeft gehad. En dat is natuurlijk zonde.

Lijfrente premie altijd aftrekken

Lijfrente is bedoeld voor het sparen voor een aanvullend pensioen. De overheid stelt daarbij dat u zelf verantwoordelijk bent voor het aftrekken van uw lijfrentepremie. U mag de premie voor een lijfrente alleen aftrekken als u jaarruimte of reserveringsruimte heeft.
Ongeacht of u de premie in aftrek brengt, zal de belastingdienst op einddatum wel inkomstenbelasting over uw lijfrente uitkeringen inhouden. Als u de premie niet heeft afgetrokken, moet u dus straks over de lijfrente uitkeringen wel inkomstenbelasting betalen.

Lijfrentepremie alsnog aftrekken

Bent u vergeten uw lijfrentepremie af te trekken van uw inkomstenbelasting? Er zijn nog mogelijkheden om dit ongedaan te maken. Zolang uw aangifte nog niet ‘definitief’ is, kunt u uw aangifte opnieuw indienen. De fiscus zal in dat geval uitgaan van de meest recent ingediende aangifte.

Saldoverklaring

Is de aangifte al wel definitief? Dan kunt u kunt bij de fiscus ook een saldoverklaring aanvragen.
Deze wordt ook wel ‘Verklaring niet-afgetrokken premies of bedragen’ genoemd. Hiermee kunt u de verzekeraar of bank laten weten hoe hoog het bedrag is van de premies of bedragen die u niet hebt afgetrokken. Over dat deel hoeft dan geen belasting worden ingehouden.

U kunt de verklaring hier aanvragen

Belastingdienst
Afdeling SMP/MIA-IH
Postbus 90121
4800 RA Breda

U moet dit regelen, vóórdat deze begint met uitkeren.

Welke gegevens zijn nodig voor een saldoverklaring?

Een kopie van de lijfrenteverzekering of bankspaarrekening.
Een overzicht van de betaalde premie of inleg.
Een begeleidend schrijven waarin u verklaart dat u niet alsnog aftrek zal vragen voor de niet-afgetrokken premies waarvoor u de verklaring niet-afgetrokken premies vraagt.

Binnen 8 weken hoort u de verklaring te ontvangen.

Hoe werkt de Saldomethode

Wilt u weten hoe de saldomethode voor een lijfrente werkt? Lees dan het artikel over de werking van de saldomethode.

Hoe wordt mijn pensioen belast?

De verzekeraar die u maandelijks pensioen uitkeert is verplicht om over iedere uitkering loonbelasting in te houden. Hierbij gaat men uit van de zogenaamde groene tabellen.
Uiteindelijk rekent u af op basis van de inkomstenbelasting.

Loonheffingskorting
Op Moneywise kunt u alle uitkerende pensioenverzekeringen vergelijken voor de hoogste uitkeringen. Hierbij krijgt u meteen inzicht in de bruto en de netto uitkering. Hierbij houden we geen rekening met de loonheffingskorting. We gaan er vanuit dat uw pensioen niet uw hoofdinkomen is. U mag namelijk maar eenmaal loonheffingskorting ontvangen. Als u op meerdere inkomens deze korting ontvangt, moet u aan het eind van het jaar terugbetalen.

Wat is de bijleenregeling

Verkoop je je huidige woning en ga je een ander woning kopen en sluit je voor deze nieuwe woning een hypotheek. Dan krijg je te maken met de bijleenregeling. In het kort komt het er op neer dat je  de overwaarde die vrijkomt bij verkoop opnieuw moet investeren in je nieuwe huis.

Bijleenregeling

Gebruik je de overwaarde niet dan heb over dat deel geen hypotheekrente aftrek.

Voorbeeld
Erik en Loes hebben hun hun huidige woning in 2004 gekocht voor € 200.000. Ze hebben toen een hypotheek afgesloten voor € 200.000. Hiervan is inmiddels € 30.000 afgelost. Hun huidige hypotheekschuld bedraagt duis nog € 170.000. Ze verkopen deze woning nu voor € 250.000. De overwaarde die vrijkomt bedraagt in hun geval dus € 80.000. Ze kopen een nieuw huis van € 400.000. Volgens de bijleenregeling hebben ze nu over nog maar € 320.000 aftrek. Als Erik en Loes toch besluiten om € 350.000 te lenen, missen ze over € 30.000 dus hypotheekrente aftrek.

Bijleenregeling vervalt na 3 jaar

Dit betekent dat als je binnen 3 jaar een nieuwe woning koopt, je verplicht bent om de overwaarde in te brengen in de nieuwe woning. Doe je dat niet? Dan mag je voor het gedeelte van de overwaarde de hypotheekrente niet aftrekken.  De overwaarde levert je een zogenaamde eigenwoningreserve op.

Wil je de gevolgen van de bijleenregeling in jouw situatie berekenen?
Gebruik dan de Rekenhulp Bijleenregeling van de Belastingdienst.
Maar nog makkelijker: bel één van onze hypotheekexperts, die vertellen je in normaal Nederlands met duidelijke voorbeelden wat dit voor jou betekent.

 

 

 

Overgangsregeling bestaande hypotheken

Sinds 1 januari 2013 kom je alleen in aanmerking voor hypotheekrenteaftrek als je een annuïtaire hypotheek, of lineaire hypotheek hypotheek hebt.
Maar let op: dit geldt alleen voor nieuw af te sluiten hypotheken. Woningbezitters die al een hypotheek hadden hebben een overgangsrecht en behouden hun recht op hypotheekrenteaftrek.

hypotheek

Voorwaarden behouden overgangsrecht

Voor het behouden van het recht op hypotheekrenteaftrek moet je aan de volgende voorwaarde voldoen:

  • je bent op 31 december 2012 in het bezit bent van een woning waarop een hypotheek rust.
  • je in 2012 een woning koopt (koopovereenkomst getekend in 2012) en deze in 2013 financiert, ook al is dat voor de eerste keer.
  • je in 2012 nog onherroepelijk en schriftelijk met een aannemer een verbouwing overeenkomt. Dan valt de daarvoor aangegane schuld nog onder de oude regels, ook als de lening pas in 2013 wordt afgesloten. De verbouwing moet dan wel in 2013 zijn afgerond.

De stand van je eigenwoningschuld op 31 december 2012 is het bedrag dat wordt aangemerkt als bestaande eigenwoningschuld en waarvoor je onder het overgangsrecht valt.

Aflossen op hypotheek

Zodra je een extra aflossing doet op de hypotheek, dan behoud je het overgangsrecht over deze aflossing op voorwaarde dat je uiterlijk in het kalenderjaar daarop weer een nieuwe eigenwoningschuld aangaat voor het afgeloste gedeelte. Dit kan belangrijk zijn voor mensen die hun hypotheek verhogen i.v.m. een verbouwing of verhuizing.

Hypotheekrenteaftrek

Heb je een eigen woning en heb je daarvoor een hypotheek afgesloten? Dan mag je de rente die je betaalt over de hypotheek aftrekken van je inkomstenbelasting als je aan bepaalde voorwaarden voldoet. We noemen dit ‘hypotheekrenteaftrek’.

hypotheekaftrek

Beperking hypotheekrenteaftrek

De hypotheekrenteaftrek wordt versoberd. Voorheen was het maximale percentage waartegen je de hypotheekrente mocht aftrekken nog 52%, maar sinds 2013 wordt dat percentage verlaagd met 0,5% per jaar. Het maximale percentage waarin je de hypotheek in 2019 kan aftrekken is 49. En het gaat nog sneller, vanaf 2020 daalt dit met 3% per jaar. In 2023 houd je nog maar een aftrek over van 37,05%.

Maximaal 30 jaar hypotheekrenteaftrek

Sinds 2001 is de hypotheekrenteaftrek maximaal 30 jaar. Dit betekent dat iedereen die op of vóór 2001 een hypotheek had, tot maximaal 2031 de rente die hij betaalt kan aftrekken. Bestaat er na 2031 nog een hypothecaire schuld, dan is de hypotheekrente niet meer aftrekbaar.

Wie na 2001 voor het eerst een hypotheek heeft, kan de rente ook maximaal 30 jaar aftrekken. Dus iemand die in 2016 voor het eerst een hypotheek heeft op zijn eigen woning, kan de rente aftrekken tot 2046.

Had je al een hypotheek en ga je verhuizen naar een duurdere woning? Dan mag je voor dat deel dat je meer aan hypotheek leent, wederom 30 jaar de hypotheekrente aftrekken. Voor het eerste gedeelte blijft de aftrek maximaal 30 jaar, na ingangsdatum van de eerste hypotheek.

Voorbeeld:
Maria sluit in 2005 een hypotheek op haar appartement. De hypotheek bedraagt € 100.000,-. De hypotheekrente die ze betaalt kan ze aftrekken tot 2035.
In 2010 koopt Maria nieuwe woning voor € 200.000,-. Maria kan de hypotheekrente die ze betaalt over haar nieuwe woning voor € 100.000 blijven aftrekken tot 2035. Het merendeel (€ 100.000,-) mag ze aftrekken tot 2040.

Sinds 2013 alleen nog annuïtaire en lineaire hypotheken aftrekbaar

Sinds 1 januari 2013 zijn de voorwaarden voor de hypotheekrenteaftrek aangescherpt. Zo kun je alleen nog de hypotheekrente aftrekken, als je een annuïtaire of lineaire hypotheekvorm hebt die binnen 30 jaar volledig is afgelost.
Daarnaast moet er jaarlijks voldaan worden aan de aflossingsverplichting.
Als je niet aan deze verplichting vervalt het recht op hypotheekrenteaftrek.

Voor woningbezitters die al vóór 1 januari 2013 een hypotheek hadden, geldt een overgangsrecht.

Voor meer actuele informatie, lees ook ons artikel ‘Hypotheekrente aftrek versneld omlaag‘.

Moet ik mijn bankspaarsaldo opgeven aan de fiscus?

Nee, als het gaat om het bankspaarsaldo voor een pensioenaanvulling, hoeft u niet het saldo op te geven. Het saldo valt in box 1. We noemen dat een lijfrente.
Je betaalt immers géén vermogensrendementsheffing over het saldo.. U betaalt alleen vermogensrendementsheffing over vermogen in box 3.

De stortingen die u doet geeft u op als jaarruimte en mag u aftrekken van de  inkomstenbelasting.
Ook als u uitkeringen ontvangt uit een bankspaarrekening als pensioenaanvulling geeft u die op, omdat u daar inkomstenbelasting over moet betalen.

Naast banksparen voor een lijfrente is er ook banksparen voor een gouden handdruk en banksparen voor je hypotheek. Ook deze saldo’s vallen in box 1. Banksparen voor een gouden handdruk en hypotheek zijn niet meer nieuwe af te sluiten. Heeft u echter een lopende gouden handdruk bankspaarrekening of een bankspaarhypotheek dan mag u wel oversluiten naar een andere bank of product.

Lijfrente afkopen

Heeft u een lijfrente of een woekerpolis en wilt u deze stopzetten? Dat kan!

Geen premieverplichting
Een lijfrente is een levensverzekering en dat is een zogeheten ‘eenzijdige overeenkomst’. Dat houdt in dat u niet verplicht bent om de premie te betalen. Stopt u de premiebetaling, dan heeft dat uiteraard consequenties voor het eindsaldo en de eventuele overlijdensdekking die in de polis zit.

shutterstock_171284387

Lijfrente afkopen

Een lijfrente afkopen heeft fiscale consequenties. Een lijfrente is bedoeld als aanvulling op het pensioen en u heeft daar fiscaal voordeel van gekregen omdat u de premies mocht aftrekken van uw inkomstenbelasting.
Als u de lijfrente afkoopt, dan betaalt u over de waarde is polis inkomstenbelasting die kan oplopen tot 52% + een boete van 20% omdat u oneigenlijk gebruik maakt van uw lijfrente.

Tip: Bereken zelf hoeveel u netto krijgt als u uw lijfrente afkoopt.
Bereken netto uitkering bij afkoop lijfrente

Geen 20% revisierente bij afkoop kleine lijfrente

Voor kleine lijfrentes is er echter een uitzondering gemaakt. U betaalt dan de 20% boete (revisierente) niet, maar alleen de inkomstenbelasting over het uitgekeerde bedrag.
Een ‘kleine lijfrente’ is een lijfrente waarvan de waarde niet hoger is dan € 5.364,- (2024)

Afkopen meerdere lijfrentes bij dezelfde verzekeraar

Heeft u meerdere lijfrentes bij dezelfde verzekeraar die nog niet zijn ingegaan, dan moet u alle lijfrentes bij elkaar optellen. U kunt dus niet iedere polis apart afkopen.
Dat is wel het geval als de lijfrente bij verschillende verzekeraars of banken loopt.
Keert uw lijfrente al uit? Dan kunt u niet gebruik maken van de afkoopregeling kleine lijfrente.

Lijfrentepremies niet afgetrokken

Heeft u de premies voor uw lijfrente niet afgetrokken?
Lees dan het artikel ‘lijfrentepremie niet afgetrokken

Betaal ik belasting over mijn gouden handdruk bankspaarrekening?

Het saldo op uw gouden handdruk bankspaarrekening valt in box 1 en daarom betaalt u er géén vermogensrendementsheffing in box 3 over. Maar u moet wel inkomstenbelasting betalen over de uitkeringen die u gaat ontvangen

shutterstock_659380306

Gouden handdruk valt niet in box 3

Als u in het verleden een ontslagvergoeding heeft ontvangen dan had u de keuze tussen in één keer afrekenen of één van de drie mogelijkheden om uw gouden handdruk te stallen. Hierbij kon u het geld dat u niet in één keer wou laten uitkeren onderbrengen bij een verzekeraar, een gouden handdruk bankspaarrekening of een stamrecht bv. U kon het bruto bedrag onderbrengen in één van deze drie mogelijkheden en zolang als het geld daar staat valt het in box (werk en inkomen) en niet in box 3 (sparen en vermogen).
Komt het saldo via een uitkerende bankspaarrekening tot uitkering? Dan betaalt u inkomstenbelasting over die uitkering.

Over de uitkeringen van een Gouden handdruk betaalt u wel inkomstenbelasting

U mag zelf bepalen hoe u uw ontslagvergoeding uitkeert. Dat kan in één keer of in termijnen. Over elke uitkering moet u wel inkomstenbelasting betalen. Een gouden handdruk bankspaarrekening is in veel gevallen de slimste manier om uw gouden handdruk in termijnen uit te laten keren.
Kiest u ervoor om de gouden handdruk in één keer te ontvangen dan betaalt u waarschijnlijk een hoger belastingtarief. Dat is afhankelijk van uw totale inkomen. U hoeft geen revisierente meer te betalen al u in één keer uitkeert.